Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 25 oktober 2001
Alinea 49 College van Beroep voor het bedrijfsleven 25 oktober 2001
Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 25 oktober 2001, ECLI:NL:CBB:2001:AD4959.
De raad van tucht maakt appellant sub 1 het verwijt dat hij geen nader onderzoek heeft verricht om te achterhalen of sprake was van eventuele andere gevallen van (mogelijke) fraude en/of onjuiste kostenallocatie. Naar het oordeel van het College kan zulks appellant sub 1 in tuchtrechtelijk opzicht niet euvel worden geduid, nu de Raad van Toezicht van Q naar aanleiding van de door appellant sub 1 aangedragen informatie heeft besloten een andere accountant met dit nader onderzoek te belasten. Niet valt in te zien waarom appellant eenzelfde onderzoek zou moeten verrichten zonder een daartoe strekkende opdracht van de zijde van Q. Hieruit volgt dat het middel van beroep terecht is voorgedragen en dat de bestreden tuchtbeslissing niet in stand kan blijven. Klachtonderdeel a, eerste volzin, dient derhalve alsnog ongegrond te worden verklaard.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/76b054813b1c47e51df1ea0bfc6d188b92b8c9377c5539cf8cd86d2d87befc83. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 76b054813b1c47e51df1ea0bfc6d188b92b8c9377c5539cf8cd86d2d87befc83, en de alinea staat in dat document op bytes 15845 tot 16706.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/76b054813b1c47e51df1ea0bfc6d188b92b8c9377c5539cf8cd86d2d87befc83 | shasum -a 256