Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 8 februari 2002

Alinea 47 College van Beroep voor het bedrijfsleven 8 februari 2002

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 8 februari 2002, ECLI:NL:CBB:2002:AD9438.

5.4 Er is geen grond om in dit geval aan te nemen dat zich de door appellant bedoelde uitzonderingssituatie op het beginsel van de formele rechtskracht voordoet, dat tussen partijen in confesso is dat het beweerdelijk schadeveroorzakende besluit onrechtmatig is. Verweerder heeft die onrechtmatigheid niet erkend en zelfs uitdrukkelijk ontkend. Een stilzwijgende erkenning van de onrechtmatigheid kan niet worden afgeleid uit het feit dat verweerder in gelijksoortige zaken, die nog bij hem aanhangig waren, in de in rubriek 2 genoemde uitspraak van het College van 27 januari 1987 aanleiding heeft gezien op het door hem destijds gevoerde beleid terug te komen. Zoals het College in zijn onder 5.3 genoemde uitspraak van 18 juli 2001 ook heeft overwogen, kan uit het feit dat een bestuursorgaan tot een wijziging van zijn benadering van een bepaalde materie komt, niet worden afgeleid dat dit bestuursorgaan daarmee het standpunt inneemt dat zijn eerdere benadering rechtens onjuist en dus onrechtmatig was. Nog minder is de conclusie gerechtvaardigd dat daarmee dan ook erkend wordt dat alle besluiten die op basis van die eerdere benadering zijn genomen, onrechtmatig waren.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fc75d5c1dd67e51798e2115f95512b864377c985923449177e80d62d551fe061. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fc75d5c1dd67e51798e2115f95512b864377c985923449177e80d62d551fe061, en de alinea staat in dat document op bytes 14608 tot 15802.