Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 28 februari 2002

Alinea 107 College van Beroep voor het bedrijfsleven 28 februari 2002

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 28 februari 2002, ECLI:NL:CBB:2002:AD9714.

Artikel 39 van de Wet op de Registeraccountants bevat ten aanzien van de behandeling en beslissing van tuchtzaken geen andere voorschrift dan dat aan de behandeling wordt deelgenomen door drie of vijf leden van de raad van tucht, onder wie de voorzitter of een plaatsvervangend voorzitter. De door appellante ingediende klacht is behandeld door de voorzitter en twee leden van de raad van tucht, zodat aan het genoemde wettelijke voorschrift is voldaan. De stelling van appellante dat de raad van tucht die de klacht heeft behandeld, niet aan de eisen voldeed omdat één van de leden fiscalist is, hetgeen betekent dat de formatie niet in meerderheid uit beroepsgenoten is samengesteld, vindt geen steun in enig wettelijk voorschrift. De stelling van appellante dat fiscalist L geen relevante deskundigheid bezat en daardoor feitelijk geen deel nam aan de behandeling van de klacht moet eveneens worden verworpen. Deze persoon moet zoals uit zijn benoeming tot lid van de raad van tucht blijkt, worden gerekend tot de categorie personen, vermeld in artikel 54, eerste lid, aanhef en onder d, kan de Wet op de Accountants-Administratieconsulenten, en was derhalve gekwalificeerd deel te nemen aan de behandeling van de klacht.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5dd60da832143f14c5637ed5ca281215351e24f7ba79fc01ddc4e64880999c71. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5dd60da832143f14c5637ed5ca281215351e24f7ba79fc01ddc4e64880999c71, en de alinea staat in dat document op bytes 29210 tot 30450.