Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 18 april 2002

Alinea 59 College van Beroep voor het bedrijfsleven 18 april 2002

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 18 april 2002, ECLI:NL:CBB:2002:AE2368.

5.4 Het College komt op grond van het vorenoverwogene tot het oordeel dat verweerster op juiste grond heeft geoordeeld dat de voor benoeming tot bestuurder van een effecteninstelling vereiste betrouwbaarheid van appellant niet buiten twijfel staat. Hoewel de grondslag voor dit oordeel van verweerster in de loop der tijd wijziging heeft ondergaan en op onderdelen een minder ernstig karakter lijkt te dragen dat zich aanvankelijk liet aanzien, valt niet in te zien dat verweerster, door op basis van de hiervoor bedoelde grondslag te oordelen dat de vereiste betrouwbaarheid niet buiten twijfel staat, de grenzen van een redelijke beoordeling heeft overschreden. Bij deze stand van zaken was verweerster, gelet op het wettelijk stelsel, gehouden een afwijzing als bedoeld in artikel 22, vierde lid, Bte 1995 af te geven.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f1bd815f0d869dc58299dcae18d338a67a28902baf2431c8183c37b1b91fcdd0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f1bd815f0d869dc58299dcae18d338a67a28902baf2431c8183c37b1b91fcdd0, en de alinea staat in dat document op bytes 24725 tot 25559.