Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 7 januari 2003

Alinea 250 College van Beroep voor het bedrijfsleven 7 januari 2003

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 7 januari 2003, ECLI:NL:CBB:2003:AF2740.

Bij de hiervoor in § 2.2 vermelde brief van 10 april 2001, gericht aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal, heeft de Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij uiteengezet dat het onwenselijk was gebruik te maken van de door de Commissie geboden keuzemogelijkheid om gevaccineerde runderen in leven te laten, zulks gelet op strenge voorwaarden die de Commissie had gesteld met betrekking tot beschermende vaccinatie en de daaruit voortvloeiende veterinaire en economische consequenties, alsmede de gevolgen daarvan voor het dierenwelzijn. De minister heeft daarbij, onder vermelding van de door hem van belang geachte feiten en omstandigheden en van de door hem in aanmerking genomen argumenten, uiteengezet dat aan de keuze van beschermende vaccinatie overwegende bezwaren zijn verbonden. Tevens heeft de minister medegedeeld dat hij met het agrarisch bedrijfsleven in overleg is getreden over de door de Commissie geboden opties, alsmede dat vanuit verscheidene instellingen uit deze sector beschermende vaccinatie sterk is ontraden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b6eb59fdf0c34c21047d1769678135ec9d813262442af95735104c7830c81dfc. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b6eb59fdf0c34c21047d1769678135ec9d813262442af95735104c7830c81dfc, en de alinea staat in dat document op bytes 76006 tot 77078.