Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 21 januari 2004
Alinea 275 College van Beroep voor het bedrijfsleven 21 januari 2004
Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 21 januari 2004, ECLI:NL:CBB:2004:AO2133.
5.6 Naar het oordeel van de voorzieningenrechter heeft verzoekster voldoende aannemelijk gemaakt dat zij een spoedeisend belang heeft bij het treffen van de gevraagde voorlopige voorziening. Dat verzoekster om haar moverende redenen, zoals door haar toegelicht ter zitting van 9 januari 2004, geen verzoeken om voorlopige voorziening heeft ingediend naar aanleiding van eerdere vrijstellingsregelingen, kan er niet aan afdoen dat ook de onderhavige regeling kan leiden tot schade aan het milieu, zodat de regeling verzoekster in de door haar behartigde belangen treft. Naar voorlopig oordeel heeft verzoekster dan ook een spoedeisend belang bij het voorkomen van deze gevolgen. De enkele omstandigheid dat de milieugevolgen niet goed kwantificeerbaar zijn, brengt niet met zich dat geen sprake is van een spoedeisend belang. Aan besluiten als het onderhavige is nu eenmaal inherent dat niet op voorhand nauwkeurig kan worden vastgesteld in welke mate de vrijgestelde toepassingen zullen plaatsvinden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/79db2deee60a343cdf7f44c46974a08cbebf7d80747c743ac4ff0fd11a688b14. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 79db2deee60a343cdf7f44c46974a08cbebf7d80747c743ac4ff0fd11a688b14, en de alinea staat in dat document op bytes 68202 tot 69215.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/79db2deee60a343cdf7f44c46974a08cbebf7d80747c743ac4ff0fd11a688b14 | shasum -a 256