Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 21 januari 2004
Alinea 278 College van Beroep voor het bedrijfsleven 21 januari 2004
Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 21 januari 2004, ECLI:NL:CBB:2004:AO2133.
5.7.2 Artikel 4, eerste lid, aanhef en onder a), van de richtlijn schrijft onder meer voor dat de lidstaten erop toezien dat een gewasbeschermingsmiddel slechts wordt toegelaten indien de werkzame stoffen die het bevat in bijlage I bij de richtlijn zijn vermeld. Voorts mag een gewasbeschermingsmiddel ingevolge artikel 4, eerste lid, aanhef en onder b), van de richtlijn slechts worden toegelaten indien onder meer is vastgesteld dat het middel, wanneer rekening wordt gehouden met alle normale omstandigheden waaronder het kan worden gebruikt en met de gevolgen van het gebruik, (-) geen onaanvaardbare uitwerking heeft op planten of plantaardige producten, (-) geen onnodig lijden of pijn veroorzaakt bij te bestrijden gewervelde dieren, (-) geen schadelijke uitwerking heeft op de gezondheid van mens of dier, hetzij direct, hetzij indirect (bij voorbeeld via drinkwater, voedsel of voer), dan wel op het grondwater, en (-) geen voor het milieu onaanvaardbaar effect heeft.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/79db2deee60a343cdf7f44c46974a08cbebf7d80747c743ac4ff0fd11a688b14. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 79db2deee60a343cdf7f44c46974a08cbebf7d80747c743ac4ff0fd11a688b14, en de alinea staat in dat document op bytes 70042 tot 71032.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/79db2deee60a343cdf7f44c46974a08cbebf7d80747c743ac4ff0fd11a688b14 | shasum -a 256