Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 28 mei 2004
Alinea 69 College van Beroep voor het bedrijfsleven 28 mei 2004
Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 28 mei 2004, ECLI:NL:CBB:2004:AP4395.
Het College is er in zijn eerder genoemde uitspraak van 13 februari 2002 echter van uitgegaan, dat de vraag of sprake is van wettelijke verschuldigdheid in de zin van artikel 236 beantwoord zou moeten worden aan de hand van het bepaalde in hoofdstuk 2 van Titel VII van het CDW. Daar wordt immers geregeld hoe en wanneer een douaneschuld ontstaat. Het College leest in Titel V111 van het CDW, ?Recht op beroep?, derhalve niet een recht op een communautaire beroepsgang met uitsluiting van het nationale procesrecht. Dit betekent dat het bepaalde in hoofdstuk 3 van titel VII, getiteld Invordering van het bedrag van de douaneschuld en daarmee dus ook afdeling 1 van dat hoofdstuk, getiteld Boeking en mededeling van het bedrag van de rechten aan de schuldenaar, voor beantwoording van de vraag of sprake is van wettelijke verschuldigdheid in de zin van artikel 236 CDW niet terzake doet.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/df4415999ac96d9849854d8fc9d7078375d2f083805963640b4e2a3adb8a8d54. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt df4415999ac96d9849854d8fc9d7078375d2f083805963640b4e2a3adb8a8d54, en de alinea staat in dat document op bytes 19124 tot 20025.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/df4415999ac96d9849854d8fc9d7078375d2f083805963640b4e2a3adb8a8d54 | shasum -a 256