Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 13 januari 2005

Alinea 79 College van Beroep voor het bedrijfsleven 13 januari 2005

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 13 januari 2005, ECLI:NL:CBB:2005:AS4481.

Het College merkt in dit kader ook op dat uit de verklaringen van de gemachtigde van appellante ter gelegenheid van de hoorzitting, zoals weergegeven in rubriek 2.2, volgt dat de gemachtigde binnen de indieningstermijn de beschikking had over relevante stukken. Verder merkt het College op dat de stukken die bij het vaststellingsformulier zijn gevoegd, zoals weergegeven in rubriek 2.2 - met uitzondering van slechts één factuur van 1 september 2003 - alle dateren tussen 18 september 2001 en 20 juni 2003. Het College voegt hieraan toe dat verweerder, zoals blijkt uit het verslag van de hoorzitting in bezwaar, een lijn volgt waarin bij de vaststellingsaanvraag behorende bijlagen na de termijn voor indiening van de vaststellingsaanvraag kunnen worden toegezonden. Niet valt in te zien dat appellante niet tijdig, aldus vóór 1 september 2003, heeft kunnen overgaan tot indiening van dat verzoek, al dan niet onder bijvoeging van (alle) hiervoor genoemde bescheiden. De beslissing van appellante om eerst op 4 september 2003 de stukken zo compleet mogelijk aan verweerder toe te sturen moet derhalve voor haar rekening en risico blijven. Volgens vaste jurisprudentie van het College is het de verantwoordelijkheid van de aanvrager om zich op de hoogte te stellen van de voorschriften die bij de Subsidieregeling zijn gegeven en deze in acht te nemen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6243f154644a94a5e6a28ece3236aa1c79526ae5d24510bd5963561ba1c8fd01. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6243f154644a94a5e6a28ece3236aa1c79526ae5d24510bd5963561ba1c8fd01, en de alinea staat in dat document op bytes 20816 tot 22187.