Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 14 maart 2006

Alinea 124 College van Beroep voor het bedrijfsleven 14 maart 2006

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 14 maart 2006, ECLI:NL:CBB:2006:AV5321.

Aan het conflict tussen partijen op dit punt ligt een verschil in opvatting omtrent de status van het rapport van 25 januari 2002 ten grondslag. De Raad stelt vast dat betrokkenen in het rapport hun voorlopige bevindingen, voorafgaand aan het toepassen van hoor en wederhoor, hebben neergelegd. Betrokkenen hebben geen in dat stadium onverantwoorde conclusies getrokken en zij hebben de uitgangspunten en de status van hun rapport als stuk dat als basis zou moeten dienen voor het toepassen van hoor en wederhoor op zodanige wijze geëxpliciteerd, dat het rapport voor tegenspraak vatbaar is. De klaagsters zijn aldus genoegzaam in de gelegenheid gesteld op de in het rapport neergelegde bevindingen deugdelijk te reageren. Ditzelfde geldt voorzover de klacht betrekking heeft op het niet voorafgaand horen van de accountant van klaagsters.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0e0d7f9557443fd4514390c2b4c1121d02d06a350b13a497bae87c0c8f9b3c10. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0e0d7f9557443fd4514390c2b4c1121d02d06a350b13a497bae87c0c8f9b3c10, en de alinea staat in dat document op bytes 36456 tot 37309.