Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 14 maart 2006

Alinea 36 College van Beroep voor het bedrijfsleven 14 maart 2006

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 14 maart 2006, ECLI:NL:CBB:2006:AV5321.

3.3.1 In hun beroepschrift hebben appellanten naar voren gebracht dat zij twijfelen aan de onafhankelijkheid van betrokkenen. Het College stelt vast dat appellanten in hun beroepschrift geen grieven hebben aangedragen tegen de ongegrondverklaring van het eerste klachtonderdeel, voorzover dit klachtonderdeel betrekking heeft op het door appellanten vermeende gebrek aan onpartijdigheid van betrokkenen. Voorzover appellanten ter zitting van het College alsnog hebben willen betogen dat de raad van tucht het verwijt van partijdigheid ten onrechte ongegrond heeft geoordeeld, overweegt het College dat het ter zitting aanvoeren van nieuwe beroepsgronden in strijd is met het verdedigingsbeginsel. Derhalve staat in het kader van het eerste klachtonderdeel uitsluitend ter beoordeling van het College of de raad van tucht terecht heeft geoordeeld dat niet aannemelijk is geworden dat betrokkenen bij de uitvoering van hun opdrachten niet de door de GBR-1994 vereiste onafhankelijkheid in acht hebben genomen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0e0d7f9557443fd4514390c2b4c1121d02d06a350b13a497bae87c0c8f9b3c10. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0e0d7f9557443fd4514390c2b4c1121d02d06a350b13a497bae87c0c8f9b3c10, en de alinea staat in dat document op bytes 11938 tot 12958.