Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 4 april 2007
Alinea 115 College van Beroep voor het bedrijfsleven 4 april 2007
Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 4 april 2007, ECLI:NL:CBB:2007:BA2169.
5.6 De eis, dat de minister afweegt of in onderhavige, specifieke omstandigheden een eenmalig bedrag bovenop het financieel bod objectief bezien noodzakelijk en redelijk is, vloeit tevens voort uit de Europese regelgeving. Aldus heeft de rechtbank terecht overwogen dat de Regeling VEB niet voldoet aan het Europese regelgevend kader. BNR en VRON hebben voorts eerder in de procedure reeds uitvoerig toegelicht dat de Regeling VEB in strijd is met de eisen van transparantie, evenredigheid en non-discriminatie, zoals neergelegd in artikel 11 van de Vergunningenrichtlijn en artikel 13 van de Machtigingsrichtlijn en dat de Regeling VEB niet bijdraagt aan het verwezenlijken van de doelstellingen van artikel 8 van de Kaderrichtlijn, zoals het bevorderen van de concurrentie en het aanmoedigen van efficiënte investeringen op het gebied van infrastructuur en innovaties.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/050bdacde811618830fe842b6a8376b4048b134cd95c20d326c6543506b4cec9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 050bdacde811618830fe842b6a8376b4048b134cd95c20d326c6543506b4cec9, en de alinea staat in dat document op bytes 39176 tot 40060.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/050bdacde811618830fe842b6a8376b4048b134cd95c20d326c6543506b4cec9 | shasum -a 256