Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 29 mei 2007
Alinea 95 College van Beroep voor het bedrijfsleven 29 mei 2007
Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 29 mei 2007, ECLI:NL:CBB:2007:BA6856.
5.13 Naar het oordeel van het College gaat het derhalve, gelet op het voorgaande, om aanvulling van de grondslag van het kortingsbesluit en is van strijd met artikel 7:11, eerste lid, Awb in de zin dat de beslissing op bezwaar niet langer als het resultaat van de heroverweging is te beschouwen, dan ook geen sprake. De grief ter zake van appellanten treft dan ook geen doel. Wel volgt uit het voorgaande tevens dat het verweerders opvatting is dat artikel 4:49 Awb aanvullend toepassing kan vinden zonder met betrekking tot de te plegen afweging andere overwegingen te laten gelden dan dat artikel 19 Regeling tot de gekozen uitkomst behoort te leiden. Dit betekent dat het besluit op bezwaar materieel nog steeds steunt op de onjuiste rechtsopvatting uit het besluit in primo dat artikel 19 Regeling de bevoegdheid geeft om een kortingsbesluit als het onderhavige te nemen. Het bestreden besluit komt om die reden voor vernietiging in aanmerking. Aan een beantwoording van de vraag of verweerder op grond van 4:49 Awb, bij afweging van de betrokken belangen, in redelijkheid tot een kortingsbeslissing als de onderhavige heeft kunnen komen – een vraag die gelet op de jurisprudentie van het College ter zake (verwezen zij onder meer naar de uitspraak van het College van 27 november 2001, AB 2002/31) niet licht voor bevestigende beantwoording in aanmerking zal komen, gelet op hetgeen hiervoor onder 5.3 met betrekking tot de aard van de onderhavige korting is overwogen - komt het College bij deze stand van zaken niet toe. Verweerder heeft immers de daarvoor vereiste afweging niet gemaakt. Zou verweerder die afweging in een nieuwe beslissing op bezwaar wel maken, dan zou die beslissing op bezwaar niet in stand kunnen blijven, omdat dan wél sprake zou zijn van een in het licht van artikel 7:11 Awb ontoelaatbare wijziging van de grondslag van de sanctie ten opzichte van de beslissing in primo. Het College zal daarom zelf in de zaak voorzien door te bepalen dat de beslissing in primo moet worden herroepen. Mocht verweerder menen dat hij met inachtneming van hetgeen in deze uitspraak is overwogen nog tot enig kortingsbesluit kan en moet overgaan, dan zal hij daarvoor derhalve een nieuwe beslissing in primo moeten nemen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c367ae897ef9a5a6888f97c646b54262525dbadb556469c3bff7c6750fff7960. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c367ae897ef9a5a6888f97c646b54262525dbadb556469c3bff7c6750fff7960, en de alinea staat in dat document op bytes 31122 tot 33372.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c367ae897ef9a5a6888f97c646b54262525dbadb556469c3bff7c6750fff7960 | shasum -a 256