Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 18 juni 2008
Alinea 87 College van Beroep voor het bedrijfsleven 18 juni 2008
Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 18 juni 2008, ECLI:NL:CBB:2008:BD4852.
Appellanten hebben voorts betoogd dat de heffingssystematiek geen goede weerslag vormt van de werkelijke heffingsinspanning. In dit verband hebben zij gesteld dat de heffingen op geen enkele wijze representatief zijn voor de kosten die AFM in 2005 daadwerkelijk ten aanzien van appellanten hebben gemaakt. Uit hoofdstuk 4 van de begroting 2005 van AFM blijkt dat AFM bij de berekening van de kosten in relatie tot de verschillende subcategorieën, een verschil maakt tussen directe en indirecte toezichturen. Voor alle subcategorieën worden de te besteden uren geraamd. Deze worden bij elkaar opgeteld. Hierna wordt het totaal aantal bestede directe uren gedeeld door het aantal directe uren per subcategorie. Hierdoor wordt een percentage verkregen. Aan de hand van dit percentage wordt het aantal indirect bestede uren aan de verschillende subcategorieën toegerekend.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/330c9a0c1f228beb51bf8fa3dc249b3bc091f657088c268b9ee401b232a760ec. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 330c9a0c1f228beb51bf8fa3dc249b3bc091f657088c268b9ee401b232a760ec, en de alinea staat in dat document op bytes 25127 tot 26012.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/330c9a0c1f228beb51bf8fa3dc249b3bc091f657088c268b9ee401b232a760ec | shasum -a 256