Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 17 maart 2011

Alinea 306 College van Beroep voor het bedrijfsleven 17 maart 2011

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 17 maart 2011, ECLI:NL:CBB:2011:BP8077.

Voor zover al een boete moet worden opgelegd omdat PO Wieringen bij de bespreking van 30 september 1999 tegenwoordig is geweest en geen afstand zou hebben genomen van een aldaar (niet-)gemaakte afspraak, dan dienen de geringe mate van haar betrokkenheid en de korte duur van de blokkade te worden beschouwd als verzachtende omstandigheden die tot geen of een veel geringere boete voor PO Wieringen zouden moeten leiden dan een boete van maar liefst € 281.101,--. Voor deze overtreding wordt haar een geldboete opgelegd, die een fractie lager is dan die voor de overtreding die betrekking heeft op deelname aan het Trilateraal Overleg, terwijl die overtreding anderhalf jaar heeft geduurd en van veel grotere invloed is geweest op de markt. Daarbij is van belang dat volgens NMa de bijeenkomst op 30 september 1999 te Emmeloord als belangrijkste aanwijzing voor de betrokkenheid bij de actie tegen F is beschouwd, terwijl NMa nimmer heeft aangetoond wat zich tijdens die bespreking precies heeft afgespeeld.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5d99d5fa6b96f62303937032e99d465188dac18ec5a1dfa0541f00c0a1f67e8b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5d99d5fa6b96f62303937032e99d465188dac18ec5a1dfa0541f00c0a1f67e8b, en de alinea staat in dat document op bytes 118752 tot 119774.