Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 17 maart 2011

Alinea 374 College van Beroep voor het bedrijfsleven 17 maart 2011

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 17 maart 2011, ECLI:NL:CBB:2011:BP8077.

Zoals het College heeft overwogen (uitspraken van 27 september 2002, AWB 01/633, Essent, <www.rechtspraak.nl>, LJN: AE8688 en 31 december 2007, AWB 06/657 e.a., Mobiele operators, <www.rechtspraak.nl>, LJN: BC1396) heeft NMa een zekere beoordelingsvrijheid bij zijn waardering van economische feiten en omstandigheden. Dit neemt niet weg dat de rechterlijke toetsing de beoordeling omvat of NMa aannemelijk heeft gemaakt dat aan de voorwaarden voor toepassing van artikel 56, eerste lid, Mw is voldaan. Hierbij dient niet alleen te worden beoordeeld of het besluit op zorgvuldige wijze tot stand is gekomen en of het op een deugdelijke motivering berust, maar ook of NMa de wettelijke begrippen op juiste wijze heeft geïnterpreteerd en aannemelijk heeft gemaakt dat de feiten en omstandigheden aan de wettelijke voorwaarden voldoen. Met name dient de rechter niet alleen de materiële juistheid van de bewijselementen, de betrouwbaarheid en de samenhang te controleren, maar moet hij ook beoordelen of die elementen het relevante feitenkader vormen voor de beoordeling en of zij de daaruit getrokken conclusies kunnen schragen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5d99d5fa6b96f62303937032e99d465188dac18ec5a1dfa0541f00c0a1f67e8b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5d99d5fa6b96f62303937032e99d465188dac18ec5a1dfa0541f00c0a1f67e8b, en de alinea staat in dat document op bytes 160073 tot 161244.