Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 17 maart 2011

Alinea 479 College van Beroep voor het bedrijfsleven 17 maart 2011

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 17 maart 2011, ECLI:NL:CBB:2011:BP8077.

C-265/97 P, Bloemenveiling Aalsmeer, Jur. 2000, blz. I-2061, punt 94) heeft de rechtbank terecht overwogen dat de uitzonderingen van artikel 2, eerste lid, Verordening nr. 26 beperkt moeten worden uitgelegd en dat een overeenkomst alleen onder één van deze uitzonderingen valt, indien deze bijdraagt aan de verwezenlijking van elk van de doelstellingen van artikel 33 EG dan wel indien deze, na afweging van al deze (eventuele onderling strijdige) doelstellingen tegen elkaar, op zodanige wijze een aantal van deze doelstellingen nastreeft dat artikel 2, eerste lid, Verordening nr. 26 kan worden toegepast. Voorts volgt uit het arrest van het Hof van Justitie van 12 december 1995 (C-399/93, Oude Luttikhuis, Jur. 1995, blz. I-4515, punt 25) dat voor toepassing van de (tweede) uitzondering – dat de overeenkomsten vereist zijn voor de verwezenlijking van de doelstellingen van artikel 33 EG – het bewijs is vereist dat de overeenkomst noodzakelijk is ter bereiking van al deze doelstellingen tesamen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5d99d5fa6b96f62303937032e99d465188dac18ec5a1dfa0541f00c0a1f67e8b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5d99d5fa6b96f62303937032e99d465188dac18ec5a1dfa0541f00c0a1f67e8b, en de alinea staat in dat document op bytes 213596 tot 214618.