Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 17 maart 2011
Alinea 593 College van Beroep voor het bedrijfsleven 17 maart 2011
Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 17 maart 2011, ECLI:NL:CBB:2011:BP8077.
De termijn voor de behandeling van de zaak vangt aan wanneer door NMa jegens appellanten een handeling is verricht waaraan deze in redelijkheid de verwachting hebben ontleend, en in redelijkheid ook de verwachting hebben kunnen ontlenen, dat hun wegens overtreding van de Mw een boete zal kunnen worden opgelegd. In de regel zal deze termijn aanvangen bij het uitbrengen van een rapport als voorzien in artikel 59 Mw Dit rapport is in de onderhavige zaak op 14 december 2000 uitgebracht. Appellanten hebben geen argumenten aangevoerd waarom zij op een eerder moment hebben verwacht en redelijkerwijs hebben kunnen verwachten dat hen ter zake van de onderhavige overtredingen van artikel 6 Mw en artikel 81 EG een boete zou worden opgelegd. Het College ziet daarom geen aanleiding de termijn voor behandeling van deze zaken eerder te laten aanvangen dan 14 december 2000.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5d99d5fa6b96f62303937032e99d465188dac18ec5a1dfa0541f00c0a1f67e8b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5d99d5fa6b96f62303937032e99d465188dac18ec5a1dfa0541f00c0a1f67e8b, en de alinea staat in dat document op bytes 286269 tot 287153.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5d99d5fa6b96f62303937032e99d465188dac18ec5a1dfa0541f00c0a1f67e8b | shasum -a 256