Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 4 oktober 2011

Alinea 298 College van Beroep voor het bedrijfsleven 4 oktober 2011

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 4 oktober 2011, ECLI:NL:CBB:2011:BT6521.

Naar het oordeel van NMa biedt het arrest Anic steun voor de door de rechtbank in de aangevallen uitspraak gegeven uitleg van het bewijsvermoeden. NMa verwijst naar punt 121 van dat arrest, waarin het Hof van Justitie overwoog dat het bewijsvermoeden des te meer geldt wanneer afstemming gedurende een lange periode en met een zekere regelmaat heeft plaatsgevonden. Deze woorden bevestigen volgens NMa dat ook in andere situaties dan die van afstemming gedurende een lange periode het weerlegbare vermoeden van toepassing is. Dit vermoeden is ook van toepassing indien maar één bijeenkomst heeft plaatsgevonden, mits deze bijeenkomst tot afstemming heeft geleid en de betrokken ondernemingen nadien op de markt actief zijn gebleven. Er is geen latere rechtspraak die aanleiding geeft te veronderstellen dat de regel uit het arrest Anic uitsluitend van toepassing zou zijn op langdurige kartels.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/60be68175c05c1c63b0999d8c87186ead935710ffe55ab4aa0e1f225c826e5a8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 60be68175c05c1c63b0999d8c87186ead935710ffe55ab4aa0e1f225c826e5a8, en de alinea staat in dat document op bytes 113593 tot 114503.