Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 4 oktober 2011

Alinea 312 College van Beroep voor het bedrijfsleven 4 oktober 2011

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 4 oktober 2011, ECLI:NL:CBB:2011:BT6521.

NMa stelt dat er geen rechtspraak is die aanleiding geeft te veronderstellen dat het bewijsschema uit het arrest Anic, dat als zodanig niet door Gazelle wordt betwist, uitsluitend van toepassing zou zijn op langdurige kartels. Van belang is niet het aantal bijeenkomsten, maar of de contacten die hebben plaatsgevonden - tijdens één dan wel meer bijeenkomsten - de betrokken ondernemingen de mogelijkheid hebben geboden om bij de bepaling van hun marktgedrag rekening te houden met de uitgewisselde informatie en op die manier de risico’s van de onderlinge concurrentie welbewust te vervangen door een feitelijke samenwerking. Ook biedt de rechtspraak geen aanknopingspunt voor de stelling dat het weerlegbare vermoeden van causaliteit alleen zou kunnen worden toegepast als de afstemming is gebaseerd op ‘hard’ of ‘sterk’ bewijs

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/60be68175c05c1c63b0999d8c87186ead935710ffe55ab4aa0e1f225c826e5a8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 60be68175c05c1c63b0999d8c87186ead935710ffe55ab4aa0e1f225c826e5a8, en de alinea staat in dat document op bytes 121270 tot 122125.