Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 4 oktober 2011
Alinea 542 College van Beroep voor het bedrijfsleven 4 oktober 2011
Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 4 oktober 2011, ECLI:NL:CBB:2011:BT6521.
Het College stelt hier voorop dat NMa, gelet op de aard van het te nemen besluit, in het concrete geval - naast artikel 57, tweede lid, Mw - ook het in artikel 3:4 Awb neergelegde evenredigheidsbeginsel in acht dient te nemen. Dit betekent dat NMa bij het vaststellen van de boete rekenschap dient te geven of de uit de Boeterichtsnoeren voortvloeiende boete, gelet op alle omstandigheden van het geval, evenredig is aan het beoogde doel. Tot die omstandigheden behoren in ieder geval de aard en de ernst van de overtreding, de mate waaraan deze aan de overtreder kan worden verweten en de omstandigheden waaronder deze is gepleegd. Ook de draagkracht van de overtreder kan een in aanmerking te nemen omstandigheid zijn. Wanneer het uit de Boeterichtsnoeren voortvloeiende boetebedrag niet evenredig is, is matiging van dit bedrag passend en geboden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/60be68175c05c1c63b0999d8c87186ead935710ffe55ab4aa0e1f225c826e5a8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 60be68175c05c1c63b0999d8c87186ead935710ffe55ab4aa0e1f225c826e5a8, en de alinea staat in dat document op bytes 232023 tot 232888.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/60be68175c05c1c63b0999d8c87186ead935710ffe55ab4aa0e1f225c826e5a8 | shasum -a 256