Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 8 februari 2012
Alinea 219 College van Beroep voor het bedrijfsleven 8 februari 2012
Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 8 februari 2012, ECLI:NL:CBB:2012:BV3078.
In rechtsoverweging 4.8.3.25 van de FTA-MTA-uitspraak heeft het College geoordeeld over grieven van UPC, ST en Hilf, waarin werd aangevoerd dat OPTA ten aanzien van FTA asymmetrische tariefregulering had moeten hanteren. De motivering die het College bij de verwerping van deze grieven heeft gegeven, is in beginsel eveneens van toepassing op grief IV.6 van UPC, grief V van ST en Hilf, grief 5.1 van Tele2 en grief 6.1 van Online en T-Mobile. Het College is zich er van bewust dat er sprake is van een zeker tijdsverloop tussen de inwerkingtreding van het FTA-2-besluit en het FTA-MTA-besluit. Derhalve moet de mogelijkheid onder ogen worden gezien dat de omstandigheden die de afschaffing van het systeem van vertraagde reciprociteit, dat leidde tot asymmetrische tariefregulering, rechtvaardigden bij het nemen van het FTA-MTA-besluit, zich nog niet of niet in dezelfde mate voordeden ten tijde van het nemen van het FTA-2-besluit.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e4bf37756b0a913922e9343837019c207260a360d473355fcd1edc69dc3bd8cb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e4bf37756b0a913922e9343837019c207260a360d473355fcd1edc69dc3bd8cb, en de alinea staat in dat document op bytes 59892 tot 60842.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e4bf37756b0a913922e9343837019c207260a360d473355fcd1edc69dc3bd8cb | shasum -a 256