Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 13 maart 2012
Alinea 22 College van Beroep voor het bedrijfsleven 13 maart 2012
Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 13 maart 2012, ECLI:NL:CBB:2012:BV8600.
3.4 De accountantskamer heeft in de bestreden tuchtbeslissing overwogen dat klaagster op 6 oktober 2004 weliswaar het handelen en/of nalaten van betrokkene in deze kwestie heeft geconstateerd, maar dat mede gezien de hoog bejaarde leeftijd van klaagster voldoende aannemelijk is geworden dat zij de tuchtrechtelijke verwijtbaarheid van dat handelen en/of nalaten eerst onder ogen heeft gezien nadat C op haar verzoek in augustus 2009 haar papieren had doorgenomen. De accountantskamer is van oordeel dat voor het doen aanvangen van de termijn van drie jaren bedoeld in artikel 22, eerste lid, Wtra niet slechts de constatering van het handelen en/of nalaten van appellant is vereist, maar tevens (enig) besef van het tuchtrechtelijk verwijtbare daarvan. De accountantskamer merkt daarbij op dat gelet op artikel 22, eerste lid, Wtra, in verbinding met artikel 33 Wet RA de klacht dient te worden ingediend “binnen 3 jaar na de constatering van enig handelen of nalaten in strijd met het bij of krachtens de Wet RA bepaalde dan wel enig handelen of nalaten in strijd met het belang van een goede uitoefening van het accountantsberoep” (cursivering door de accountantskamer).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f776fa81c04b7e9e76615cfeca4bd32cde9269eee46096b6d52b68cdcb008bf5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f776fa81c04b7e9e76615cfeca4bd32cde9269eee46096b6d52b68cdcb008bf5, en de alinea staat in dat document op bytes 8140 tot 9331.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f776fa81c04b7e9e76615cfeca4bd32cde9269eee46096b6d52b68cdcb008bf5 | shasum -a 256