Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 12 april 2012

Alinea 247 College van Beroep voor het bedrijfsleven 12 april 2012

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 12 april 2012, ECLI:NL:CBB:2012:BW1529.

Voor de beoordeling van een aantal van de door BNT in dit verband ingediende beroepsgronden is de uitspraak van 7 mei 2008 relevant. Het College heeft hierin geoordeeld over hoger beroepen tegen een uitspraak van de rechtbank Rotterdam over een door OPTA genomen besluit in een geschilprocedure tussen Nozema en BNT, waarin de uitleg van artikel 3.11 Tw centraal stond. Het College heeft zich in de uitspraak van 7 mei 2008 uitgelaten over aspecten van artikel 3.11 Tw waarover ten tijde van de uitspraak van 25 september 2007 nog geen duidelijkheid bestond. Van belang is in de eerste plaats dat het College in § 7.4 van de uitspraak van 7 mei 2008 de beroepsgronden van Nozema heeft verworpen die er op neer kwamen dat OPTA het begrip redelijke vergoeding uit artikel 3.11, derde lid, Tw niet mocht invullen door het opleggen van een kostengeoriënteerd tarief. De volgende beroepsgronden van BNT kunnen in het licht van dit oordeel geen stand houden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/01a2b11fee697ca6b65945c6c490fd842aff4110a7f28d074f3f5ed15340963f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 01a2b11fee697ca6b65945c6c490fd842aff4110a7f28d074f3f5ed15340963f, en de alinea staat in dat document op bytes 90626 tot 91593.