Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 8 mei 2014
Onder 4.4 College van Beroep voor het bedrijfsleven 8 mei 2014
Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 8 mei 2014, ECLI:NL:CBB:2014:188.
Verweerder heeft ter zitting verklaard dat hij het primaire en bestreden besluit wat betreft de beoordeling of sprake is van opzettelijke overtreding van de in geding zijnde randvoorwaarden uitsluitend heeft gebaseerd op de processen-verbaal en niet mede op de daaraan ten grondslag liggende stukken. Nu verweerder genoemde besluiten op de processen-verbaal mocht baseren, moeten uitsluitend die processen-verbaal, en niet (mede) de daaraan ten grondslag liggende stukken, worden aangemerkt als de op de zaak betrekking hebbende stukken als bedoeld in de artikelen 7:4, tweede lid, en 8:42 Awb. Het College ziet dan ook geen grond voor de conclusie dat appellanten in bezwaar en beroep ten onrechte niet de beschikking hebben gekregen over bedoelde onderliggende stukken op de daartoe in de Awb voor bezwaar en beroep voorgeschreven wijzen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a3c4ec5c113e177d5587b91b7176e9f8fd19f9beb4c8fbda46949a56b014229f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a3c4ec5c113e177d5587b91b7176e9f8fd19f9beb4c8fbda46949a56b014229f, en de alinea staat in dat document op bytes 24682 tot 25535.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a3c4ec5c113e177d5587b91b7176e9f8fd19f9beb4c8fbda46949a56b014229f | shasum -a 256