Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 30 september 2014

Alinea 65 College van Beroep voor het bedrijfsleven 30 september 2014

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 30 september 2014, ECLI:NL:CBB:2014:371.

4.4.5. Appellant heeft met de IPS-dienstverlening een adressenbestand aan derden ter beschikking gesteld waarbij het voor deze derden niet mogelijk was te controleren of de in het bestand voorkomende adressen werden gebruikt door ontvangers die toestemming hadden gegeven voor het gebruik van dat adres voor de betreffende mailing. De vergelijking die appellant maakt met een online malingprogramma gaat niet op, omdat de afnemers van de diensten van de website IPS betaalden voor de mailing vanwege het door appellant via de website IPS aangeboden adressenbestand. Dat de betrokken afnemer vanaf 15 september 2008 de mogelijkheid had om een eigen adresbestand toe te voegen, is van ondergeschikte belang. Daar komt bij dat de verzending van de berichten plaats vond vanaf de servers van appellant en dat in de via de website IPS verzonden berichten het e-mailadres van Serinco was opgenomen (ten behoeve van de bouncende mails). Daarmee had appellant een zodanig bepalende rol bij het opstellen van de verzendlijst van de mailings, dat hij, nu hij ook (als enige) het profijt had van de website IPS, terecht als verzender is aangemerkt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f6e01ce098d60fec20079d209ec6898d1cb9d426e39f36534ed5155b878700f9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f6e01ce098d60fec20079d209ec6898d1cb9d426e39f36534ed5155b878700f9, en de alinea staat in dat document op bytes 29156 tot 30308.