Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 2 oktober 2014
Onder 3.1 College van Beroep voor het bedrijfsleven 2 oktober 2014
Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 2 oktober 2014, ECLI:NL:CBB:2014:379.
Betrokkene heeft allereerst aangevoerd dat het hoger beroep niet-ontvankelijk is, nu klaagster de gronden waarop het hoger beroep berust niet binnen de hoger beroepstermijn van zes weken heeft ingediend. Betrokkene heeft in dit verband erop gewezen dat ingevolge artikel 43, eerste lid, Wet tuchtrechtspraak accountants (hierna: Wtra) juncto artikel 32, tweede lid, Wet tuchtrechtspraak bedrijfsorganisatie 2004 (hierna: Wet turbo 2004) het beroepschrift de gronden van het beroep dient te bevatten. Ten aanzien van eerdere uitspraken, waarin het College een pro forma hogerberoepschrift, gevolgd door aanvulling van de beroepsgronden binnen een door de griffier gegeven termijn, heeft geaccepteerd, heeft betrokkene aangevoerd dat het College nimmer heeft gemotiveerd waarom zou kunnen worden afgeweken van de duidelijke tekst van artikel 32, tweede lid, Wet turbo 2004.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/faef752768e3b03cdf8827f181ad7aa87f5493838117e2f4a401fad7c0bd047d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt faef752768e3b03cdf8827f181ad7aa87f5493838117e2f4a401fad7c0bd047d, en de alinea staat in dat document op bytes 11028 tot 11912.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/faef752768e3b03cdf8827f181ad7aa87f5493838117e2f4a401fad7c0bd047d | shasum -a 256