Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 29 oktober 2014

Onder 1.1 College van Beroep voor het bedrijfsleven 29 oktober 2014

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 29 oktober 2014, ECLI:NL:CBB:2014:397.

naar aflevering van mest waarbij een fictieve afnemer zou zijn vermeld, te weten “[naam 3]” of “[naam 4]”. Op basis van dat onderzoek is vervolgens een onderzoek gestart naar appellante in verband met het vermoeden dat de Meststoffenwet (Msw) zou zijn overtreden. In een afdoeningsrapport van 14 december 2009 zijn de bevindingen van dat onderzoek neergelegd. De AID stelt daarin vast dat 9 vrachten dierlijke mest zijn gelost op het bedrijf van appellante in de periode van 20 mei 2009 tot en met 29 juni 2009 (op 20 mei 2 vrachten, op 23 mei 2 vrachten, op 26 mei 2 vrachten, op 19 juni 2 vrachten en op 29 juni 1 vracht). Mede naar aanleiding van dat rapport heeft de staatssecretaris een controle uitgevoerd bij appellante en op basis daarvan aan appellante bij primair besluit van 26 januari 2011 een boete opgelegd van € 34.507,50 wegens overtreding van artikel 7 van de Msw. Daarbij is uitgegaan van een overschrijding van de gebruiksnorm voor dierlijke meststoffen met 3.790 kg, overschrijding van de stikstofgebruiksnorm met 689 kg en overschrijding van de fosfaatgebruiksnorm met 1012 kg. Dat er vrachten dierlijke mest zijn geleverd bij appellante is gebaseerd op gegevens bekend bij de Dienst Regelingen, zoals losmeldingen waarbij met GPS-coördinaten de loslocaties zijn vastgesteld. Die loslocaties bevonden zich op het erf en op percelen van appellante die bij de Dienst Regelingen als landbouwgrond behorende bij het bedrijf van appellante staan geregistreerd. Op basis van de van de vrachten opgemaakte vervoersbewijzen en de gegevens van de laboratoria waar monsters van de mest zijn geanalyseerd is de hoeveelheid fosfaat en stikstof bepaald. Op de vervoersbewijzen is steeds [naam 3] als afnemer vermeld en als overige betrokkene Mesthandel [naam 5] B.V. De heren [naam 6] en [naam 7], directeuren van [naam 3], hebben verklaard, welke verklaringen zijn opgenomen in een memo van 22 februari 2010 van een ambtenaar van de AID, dat zij toestemming hebben gegeven de naam van hun bedrijf op de vervoersbewijzen te vermelden. De mest is volgens hen echter niet op hun bedrijf opgeslagen of uitgereden, maar door [naam 5] doorgeleverd aan anderen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/050ea7542cd364bcee47c583ce568ffb0139399622150e61e891da3882922f1b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 050ea7542cd364bcee47c583ce568ffb0139399622150e61e891da3882922f1b, en de alinea staat in dat document op bytes 7543 tot 9731.