Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 29 oktober 2014

Onder 3.4 College van Beroep voor het bedrijfsleven 29 oktober 2014

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 29 oktober 2014, ECLI:NL:CBB:2014:397.

Appellante heeft voorts aangevoerd dat zij geen toestemming heeft gegeven voor de aanvoer van de in het AID-rapport vermelde negen vrachten dierlijke mest in de periode van 20 mei 2009 tot en met 29 juni 2009. Zij is niet bekend met de leverancier, de vervoerders, de afnemer of de overige betrokkenen. Zij heeft ook geen afleveringsbewijzen getekend. Weliswaar heeft de heer [naam 8] van loonwerkbedrijf [naam 9] eerder mest voor appellante bemiddeld, maar dat betreft niet deze mest. Zij heeft voor deze vrachten geen opdracht gegeven. De bewijzen zijn ontoereikend om daarmee aan te tonen dat appellante de mest daadwerkelijk heeft afgenomen en op of in de bodem van de tot haar bedrijf behorende landbouwgrond heeft gebracht. Monsters die appellante van haar grond heeft laten nemen spreken tegen dat in 2009 op haar percelen 1390 kg fosfaat en 2299 kg stikstof in de bodem is gebracht. Zelfs als aangenomen moet worden dat de vrachten op het bedrijf van appellante zijn gelost dan kan haar daarvan geen enkel verwijt worden gemaakt, nu dit zonder haar medeweten is gebeurd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/050ea7542cd364bcee47c583ce568ffb0139399622150e61e891da3882922f1b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 050ea7542cd364bcee47c583ce568ffb0139399622150e61e891da3882922f1b, en de alinea staat in dat document op bytes 15797 tot 16889.