Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 4 november 2014
Onder 3.6 College van Beroep voor het bedrijfsleven 4 november 2014
Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 4 november 2014, ECLI:NL:CBB:2014:421.
De vierde grief van appellant, die eveneens is gericht tegen de ongegrondverklaring van klachtonderdeel 2, houdt in dat de accountantskamer ten onrechte heeft geoordeeld dat [naam 2] niet gehouden was de e-mail van de KBvG met hem te bespreken of voordien op juistheid te onderzoeken. Hij voert aan dat de accountantskamer ten onrechte stelt dat de wet het BFT geen mogelijkheid biedt om met het Openbaar Ministerie en of de strafrechter te overleggen. Appellant stelt dat [naam 2] heeft verzuimd om zelf enig onderzoek te plegen naar de juistheid van de aangifte tegen hem door de KBvG en er met opzet voor heeft gekozen om op basis van deze aangifte verlenging van de schorsing van appellant aan de kamer voor gerechtsdeurwaarders te verzoeken. Volgens appellant heeft [naam 2] hierdoor de fundamentele beginselen van objectiviteit, zorgvuldigheid en onafhankelijkheid overschreden. De accountantskamer heeft naar de mening van appellant ten onrechte geoordeeld dat [naam 2] c.s. hun eigen verantwoordelijkheid tot het toepassen van ‘hoor en wederhoor’ en tot het in acht nemen van het ‘onschuldbeginsel’ niet hebben veronachtzaamd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e24fa49ee00af6e17ef8c0d2e924774380c459ccc2e664a5edeaae4ba1dc33f9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e24fa49ee00af6e17ef8c0d2e924774380c459ccc2e664a5edeaae4ba1dc33f9, en de alinea staat in dat document op bytes 21556 tot 22724.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e24fa49ee00af6e17ef8c0d2e924774380c459ccc2e664a5edeaae4ba1dc33f9 | shasum -a 256