Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 3 december 2014
Onder 3.1 College van Beroep voor het bedrijfsleven 3 december 2014
Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 3 december 2014, ECLI:NL:CBB:2014:438.
Het hoger beroep richt zich in de eerste plaats tegen de uitleg die de rechtbank geeft aan artikel 11.7, eerste lid, van de Tw. Het betoog van ACM komt erop neer dat het spamverbod (zoals dat ten tijde van belang gold) niet alleen de abonnee, maar ook de gebruiker (niet abonnee) beschermt, omdat ieder e-mailadres waarnaar e-mailberichten worden verzonden hoe dan ook wordt uitgegeven aan een abonnee. Subsidiair keert ACM zich tegen de wijze waarop de rechtbank toepassing geeft aan artikel 8:72, derde lid, sub b, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Volgens ACM had de rechtbank de artikelen 8:80a en 8:51a van de Awb moeten toepassen en had zij ACM de gelegenheid moeten bieden om nader onderzoek te doen of de direct mailings zich richtten tot abonnees.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/038aa2f896211f1cb265fb1ddb111eb0974f19c35c67fc183f98f01e86f1106b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 038aa2f896211f1cb265fb1ddb111eb0974f19c35c67fc183f98f01e86f1106b, en de alinea staat in dat document op bytes 10773 tot 11550.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/038aa2f896211f1cb265fb1ddb111eb0974f19c35c67fc183f98f01e86f1106b | shasum -a 256