Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 21 februari 2014
Onder 2.1 College van Beroep voor het bedrijfsleven 21 februari 2014
Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 21 februari 2014, ECLI:NL:CBB:2014:62.
Het verzoek strekt er toe dat de openbaarmaking van het besluit tot oplegging van de boete als bedoeld in artikel 1:97 Wft wordt geschorst, totdat in de hoofdzaak uitspraak is gedaan. Daartoe voert verzoekster in de eerste plaats - samengevat - aan dat de uitspraak van de rechtbank niet in stand kan blijven. Zij heeft uitvoerig uiteengezet dat geen sprake is van overtredingen van artikel 5:58, eerste lid, onder a en b, Wft. Deze bepaling is volgens verzoekster ook in strijd met het lex certa-beginsel. De gewraakte transacties zijn bovendien niet op naam van verzoekster verricht maar op naam van [bedrijf 2] (hierna: [bedrijf 2]) via verzoekster. Uit de stukken kan volgens verzoekster worden afgeleid dat een “related party” heeft gehandeld, en niet zijzelf. De boete is dan ook ten onrechte aan verzoekster opgelegd. Bovendien is die boete van € 50.000,- disproportioneel.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/508a6a5ea4b0e5594533eead7e5889f992bd144ff8b1ec72de1e19491ff514aa. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 508a6a5ea4b0e5594533eead7e5889f992bd144ff8b1ec72de1e19491ff514aa, en de alinea staat in dat document op bytes 8359 tot 9259.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/508a6a5ea4b0e5594533eead7e5889f992bd144ff8b1ec72de1e19491ff514aa | shasum -a 256