Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 31 maart 2015

Onder 3.5.8 College van Beroep voor het bedrijfsleven 31 maart 2015

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 31 maart 2015, ECLI:NL:CBB:2015:110.

De Gemeenten voeren aan dat de uitleg en toepassing van de rechtbank van artikel 5.7 van de Tw (oud) / artikel 5.8 van de Tw en de uitkomst daarvan in strijd is met de ratio van die bepaling, omdat deze tot gevolg heeft dat de Gemeenten de kosten moeten dragen die KPN c.s. voor de verlegging hebben gemaakt, terwijl de verlegging noodzakelijk was voor werken die de Gemeenten wensten uit te (laten) voeren op hun gronden, in het bijzonder de opheffing van de gemeentelijke fietspaden in verband met de realisatie en reconstructie van de aansluitingen van de N219 en de N209 op de A12. ACM en KPN c.s. betogen dat het standpunt van de Gemeenten niet strookt met de eisen die in artikel 5.7 van de Tw (oud) / artikel 5.8 van de Tw aan het ontstaan van de verplichting van de aanbieder van een openbaar elektronisch communicatienetwerk tot het op eigen kosten verplaatsen van kabels worden gesteld. In dit verband wijzen ACM en KPN c.s. erop dat de door de Gemeenten genoemde werken niet door of vanwege hen, maar door of vanwege de Staat, zijn uitgevoerd. Het College overweegt als volgt. Uit de parlementaire toelichting bij artikel 5.7 van de Tw (oud) / artikel 5.8 van de Tw (Kamerstukken II 2004-2005, 29 834, nr. 3, p. 26), waarnaar de Gemeenten in hun aanvullende gronden hebben verwezen, blijkt dat de wetgever in die bepaling gestalte heeft willen geven aan het uitgangspunt dat gedoogplichtigen zo min mogelijk nadeel van de gedoogplicht behoren te ondervinden. De wetgever heeft dit gedaan door in het eerste lid van artikel 5.8 Tw op te nemen dat een aanbieder op eigen kosten maatregelen moet nemen, waaronder zo nodig het verplaatsen van kabels, als dat nodig is in verband met de ‘oprichting van gebouwen of de uitvoering van werken’ door of vanwege de gedoogplichtige. Zoals het College hiervoor onder 3.5.5 heeft overwogen, is de verplaatsing van de kabels waar het hier om gaat niet noodzakelijk voor de uitvoering van werken door of vanwege de Gemeenten. Zodoende is niet aan de in artikel 5.7 van de Tw (oud) / artikel 5.8 van de Tw neergelegde eis van ‘door of vanwege de gedoogplichtige’ voldaan. Deze grond faalt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/caed2ee4d3197b815e91a1ba7972f4b9af365469344233d32395ec23a76198bb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt caed2ee4d3197b815e91a1ba7972f4b9af365469344233d32395ec23a76198bb, en de alinea staat in dat document op bytes 46813 tot 48968.