Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 9 april 2015
Alinea 65 College van Beroep voor het bedrijfsleven 9 april 2015
Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 9 april 2015, ECLI:NL:CBB:2015:121.
Het College is van oordeel dat in ieder geval niet kan worden aangenomen dat er vóór 8 juli 2010 sprake was van een “criminal charge”, zodat tot aan die datum geen cautieplicht gold. Anders dan appellante voorstaat lag dat in dit geval nog niet besloten in het voornemen tot oplegging van een last onder dwangsom. Uit de gedingstukken blijkt dat het onderzoek van AFM inderdaad, zoals door AFM gesteld, aanvankelijk was gericht op het voorkómen van overtredingen en zich pas na 8 juli 2010 mede heeft gericht op het mogelijk opleggen van een punitieve sanctie vanwege overtredingen die zich al bleken te hebben voorgedaan. Het bewijs van de onderhavige overtreding (het zonder een daartoe door AFM verleende vergunning verlenen van beleggingsdiensten) is in het onderhavige geval gevonden in de gespreksopnames die AFM in september 2009 bij appellante heeft opgevraagd. Ten tijde van het opvragen van die gespreksopnames bestond nog geen cautieplicht. Dat wordt niet anders indien appellante zou worden gevolgd in haar stelling dat reeds op 28 mei 2010 sprake was van een criminal charge, zodat deze stelling geen nadere bespreking behoeft.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bbadc13b49fe2b55df45cad68bd696a43607790dc59dce6b7d592fc1b9c7e29a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bbadc13b49fe2b55df45cad68bd696a43607790dc59dce6b7d592fc1b9c7e29a, en de alinea staat in dat document op bytes 29550 tot 30710.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bbadc13b49fe2b55df45cad68bd696a43607790dc59dce6b7d592fc1b9c7e29a | shasum -a 256