Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 10 april 2015

Alinea 42 College van Beroep voor het bedrijfsleven 10 april 2015

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 10 april 2015, ECLI:NL:CBB:2015:129.

4.1.3 De rechtbank overweegt dat, zoals onder meer volgt uit de Memorie van Toelichting bij de Msw (Kamerstukken II, 2004/05, 29930, nr.3, pagina 123), in beginsel van de verwijtbaarheid van de overtreding mag worden uitgegaan. Slechts indien eiser aannemelijk weet te maken dat wegens de bijzondere omstandigheden van het geval hem ter zake geen enkel verwijt kan worden gemaakt, dient de Staatssecretaris af te zien van het opleggen van een boete. De rechtbank neemt in aanmerking dat eiser jarenlange ervaring heeft met mest, namelijk vijfenveertig jaar. Daarnaast overweegt de rechtbank dat eiser ervoor heeft gekozen om volledig af te gaan op de informatie van [naam 2], zijn leverancier, over de aangeleverde mest. Dit ondanks eerdere ervaringen van eiser met te hoge waarden in de mest afkomstig van [naam 2]. Ter zitting heeft eiser verklaard dat hij, als hij op het bedrijf van [naam 2] was

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b9930776f9e57e5eeeae97e9746d27d24d9a5c48db6ba923cd3955aca9ebc640. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b9930776f9e57e5eeeae97e9746d27d24d9a5c48db6ba923cd3955aca9ebc640, en de alinea staat in dat document op bytes 9657 tot 10570.