Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 9 juli 2015

Onder 3.3 College van Beroep voor het bedrijfsleven 9 juli 2015

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 9 juli 2015, ECLI:NL:CBB:2015:193.

In dit geval zijn de tapgegevens in het strafdossier verwerkt omdat niet viel uit te sluiten dat deze in enig stadium van het strafproces relevantie zouden kunnen hebben voor de beantwoording van de vragen van de artikelen 348 en 350 Sv. ACM wijst in dit verband ook op artikel 126cc Sv. Daaruit volgt dat de officier van justitie de processen-verbaal en andere voorwerpen waaraan gegevens kunnen worden ontleend die zijn verkregen door (onder meer) het opnemen van telecommunicatie, moet bewaren zolang de zaak nog niet is geëindigd. Die regeling strekt ertoe de verdediging in de gelegenheid te stellen kennis te nemen van eventueel verkregen ontlastend materiaal en ervoor te zorgen dat dat materiaal alsnog bij de processtukken wordt gevoegd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/65ce6ea4cfa5c971981d1cc8ad1fb6a9c342fb97bd93b841c64f1d69f0131135. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 65ce6ea4cfa5c971981d1cc8ad1fb6a9c342fb97bd93b841c64f1d69f0131135, en de alinea staat in dat document op bytes 28115 tot 28876.