Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 9 juli 2015
Onder 4.1 College van Beroep voor het bedrijfsleven 9 juli 2015
Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 9 juli 2015, ECLI:NL:CBB:2015:193.
Alle verstrekkingen aan ACM hebben plaatsgevonden met voorafgaande toestemming van de officier van justitie. Er waren geen contra-indicaties in de zin van de Aanwijzing, zodat toestemming van de officier van justitie volstond. De contra-indicatie dat de zaak nog niet was beoordeeld deed zich in het onderhavige geval niet voor. Aangezien in dit geval de te verstrekken gegevens betrekking hadden op een mogelijke overtreding van artikel 6 Mw en het strafrechtelijk onderzoek daar niet op was gericht, heeft de officier van justitie buiten de kaders van een vervolgingsbeslissing beoordeeld of de te verstrekken gegevens voldoende betrouwbaar waren en een voldoende ernstig vermoeden rechtvaardigen van overtreding van artikel 6 Mw. Om een vergelijkbare reden hoefde niet te worden gewacht op een vonnis van de strafrechter. Zodanig vonnis zou immers geen veroordeling kunnen inhouden wegens overtreding van artikel 6 Mw. Bovendien was sprake van spoedeisend belang. Uit de strafvorderlijke gegevens bleek immers dat op grote schaal sprake was van verboden prijsafspraken.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/65ce6ea4cfa5c971981d1cc8ad1fb6a9c342fb97bd93b841c64f1d69f0131135. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 65ce6ea4cfa5c971981d1cc8ad1fb6a9c342fb97bd93b841c64f1d69f0131135, en de alinea staat in dat document op bytes 37345 tot 38431.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/65ce6ea4cfa5c971981d1cc8ad1fb6a9c342fb97bd93b841c64f1d69f0131135 | shasum -a 256