Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 9 juli 2015
Onder 4.3 College van Beroep voor het bedrijfsleven 9 juli 2015
Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 9 juli 2015, ECLI:NL:CBB:2015:193.
Voor zover ACM meent dat artikel 3:9 Awb niet voorziet in een vergewisplicht, brengt het zorgvuldigheidsbeginsel van artikel 3:2 Awb wel met zich dat een indringende toets moet plaatsvinden. Het gaat in deze procedure om de vraag of ACM over de taps mocht beschikken. De verstrekking en het gebruik van de taps impliceert een nieuwe inbreuk op de privacy en de grondrechten van [naam 1] en [naam 2]. Zowel artikel 13 Grondwet als artikel 8 EVRM bepalen dat die inmenging niet alleen voorzienbaar moet zijn, maar vervolgens ook noodzakelijk moet zijn. Van een dergelijke noodzaak is sprake als de inmenging/inbreuk beantwoordt aan een dringende (maatschappelijke) behoefte. De inmenging/inbreuk moet bovendien onevenredig zijn aan het nagestreefde doel (proportionaliteit) en de daarvoor aangevoerde gronden moeten relevant en toereikend zijn (subsidiariteit). ACM noch het OM hebben deze afweging (deugdelijk) gemaakt. Dat ACM dit achteraf probeert te repareren doet hier niet aan af.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/65ce6ea4cfa5c971981d1cc8ad1fb6a9c342fb97bd93b841c64f1d69f0131135. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 65ce6ea4cfa5c971981d1cc8ad1fb6a9c342fb97bd93b841c64f1d69f0131135, en de alinea staat in dat document op bytes 46779 tot 47777.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/65ce6ea4cfa5c971981d1cc8ad1fb6a9c342fb97bd93b841c64f1d69f0131135 | shasum -a 256