Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 6 juli 2015
Onder 3.8 College van Beroep voor het bedrijfsleven 6 juli 2015
Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 6 juli 2015, ECLI:NL:CBB:2015:233.
Het College is van oordeel dat appellanten, in het licht van deze toelichting, als functionele dader kunnen worden aangemerkt. Het aanvoeren van de mest kan hen, gelet op de hoeveelheid, de frequentie en het seizoen, niet zijn ontgaan. Appellanten hebben bovendien bevestigd – in dezelfde periode – zelf vrachten mest te hebben besteld bij [naam 6] en mest hebben laten uitrijden. Van appellanten had mogen worden verwacht dat zij, toen zij het bemesten aan [naam 6] overlieten, precieze, op schrift gestelde afspraken met hem zouden hebben gemaakt en op de naleving daarvan toezicht zouden houden. Appellanten hebben onvoldoende toezichtmaatregelen genomen om overtreding van de gebruiksnormen te voorkomen. Zij waren niet aanwezig bij het lossen van de mest en hebben dit toezicht ook niet door een ander voor hen laten doen. Dat de betreffende percelen op 20 kilometer van hun huiskavel liggen maakt niet dat dit niet van hen kon worden verlangd, nu zij zeggenschap over deze percelen hadden. Onder deze omstandigheden is het College van oordeel dat appellanten terecht als overtreder van artikel 7 van de Msw zijn aangemerkt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d5ad10be33ec88f56b3b3a4f973d26709adb239ed8d84fe51e47eb4cbe664153. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d5ad10be33ec88f56b3b3a4f973d26709adb239ed8d84fe51e47eb4cbe664153, en de alinea staat in dat document op bytes 28744 tot 29890.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d5ad10be33ec88f56b3b3a4f973d26709adb239ed8d84fe51e47eb4cbe664153 | shasum -a 256