Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 19 februari 2015
Onder 4.1 College van Beroep voor het bedrijfsleven 19 februari 2015
Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 19 februari 2015, ECLI:NL:CBB:2015:27.
Appellant stelt zich op het standpunt dat verweerders onvoldoende hebben gemotiveerd waarom zij geen ontheffing voor onbepaalde tijd aan hem konden verlenen. Aan die motivering moeten volgens appellant zwaardere eisen worden gesteld dan normaal, nu verweerders geen beleid hebben gemaakt over de tijdsduur van een te verlenen ontheffing. Appellant wijst erop verweerders niet hebben aangetoond dat de openstelling leidt tot ontoelaatbare aantasting van de in de Verordening 2008 genoemde belangen. Verweerders hebben evenmin onderbouwd of de belangen als genoemd in artikel 6, vierde lid, van Verordening 2008 in het geding zijn. Voor de afweging van andere belangen bij de beperking in duur is volgens appellant geen plaats. Voorts gaat de vergelijking die verweerders trekken met het feit dat vrijstellingen per kalenderjaar worden verleend niet op omdat bij een ontheffing nu juist niet zoals bij een vrijstelling vooraf zon- en feestdagen worden aangewezen. Daarom is er volgens appellant geen reden om vast te houden aan een verlening per kalenderjaar. Ook de motivering van verweerders dat vanuit concurrentieoogpunt een ontheffing tijdelijk zou moeten worden verleend schiet tekort, omdat in de periode 2008 tot 2014 geen andere aanvragen zijn gedaan. Die motivering strookt evenmin met de Verordening 2014 omdat daarin de ontheffingsmogelijkheid is komen te vervallen. Concurrentiebelang is bovendien geen belang dat wordt beschermd door de Verordening 2008. Daarnaast lijkt een tijdelijke ontheffing niet in overeenstemming met de bedoeling van de Verordening 2008 omdat artikel 3 van de Verordening 2008 bepaalt dat ontheffingen overdraagbaar zijn en een voor één kalenderjaar verleende ontheffing dit artikel zinledig zou maken. Voor zover appellant de Verordening 2014 had kunnen voorzien, zou dat alleen betrekking kunnen hebben op de voorzienbaarheid van een mogelijke intrekking van de ontheffing. In ieder geval hadden verweerders appellant een ontheffing moeten verlenen voor een volledig (kalender)jaar en niet voor slechts vijf maanden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7bf981bd786b85dd13fea88ea16e4992ecddd7deecc71cf3f7b1ba5952508d5e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7bf981bd786b85dd13fea88ea16e4992ecddd7deecc71cf3f7b1ba5952508d5e, en de alinea staat in dat document op bytes 10108 tot 12179.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/7bf981bd786b85dd13fea88ea16e4992ecddd7deecc71cf3f7b1ba5952508d5e | shasum -a 256