Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 21 september 2015

Onder 5.3 College van Beroep voor het bedrijfsleven 21 september 2015

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 21 september 2015, ECLI:NL:CBB:2015:288.

Het College overweegt in dit verband voorts dat het AFM in het kader van haar toezichthoudende taken in beginsel vrijstaat naar eigen inzicht en los van de wil van de onderzochte haar onderzoek in te richten. In dat licht acht het College begrijpelijk dat AFM om de bankafschriften heeft gevraagd om een volledig beeld te verkrijgen van de activiteiten van appellante. Bankafschriften zijn daartoe, appellante heeft dat ook niet bestreden, een geschikt middel, en AFM overschreed bij de uitoefening van deze bevoegdheid niet de door het recht daaraan, onder meer vanuit het proportionaliteits- en subsidiariteitsbeginsel, gestelde grenzen. Geen rechtsregel dwong AFM in te gaan op, laat staan te volstaan met het van de zijde van appellante gedane aanbod een verklaring af te leggen over het aantal Nederlandse investeerders en investeringsbedragen. Evenmin valt in te zien dat AFM niet (eerst) een volledig beeld van de activiteiten van appellante mocht nastreven (om te kunnen bepalen of er een vergunningplicht op grond van de Wft aan de orde was), voordat zij zich richtte op de mogelijke toepasselijkheid van de vrijstellingsbepaling.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a7434bb3620f959bfc0cdc695afe227698bab5cc326106cde559db1131002b94. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a7434bb3620f959bfc0cdc695afe227698bab5cc326106cde559db1131002b94, en de alinea staat in dat document op bytes 19153 tot 20307.