Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 2 december 2015

Alinea 43 College van Beroep voor het bedrijfsleven 2 december 2015

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 2 december 2015, ECLI:NL:CBB:2015:388.

3. Nu in het onderhavige geval sprake is van een punitieve sanctie zijn voorts in ieder geval de waarborgen van artikel 6 van het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EVRM) van toepassing. Zoals volgt uit de rechtspraak van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) bestaat op grond van artikel 6, eerste lid, van het EVRM in beginsel het recht op kennisname van al het relevante bewijsmateriaal door de verdediging. Dit recht is echter niet absoluut. Andere belangen kunnen zich daartegen verzetten, zoals de nationale veiligheid, bescherming van fundamentele rechten van anderen en geheimhouding van opsporingsmethoden. Deze belangen dienen in voorkomende gevallen te worden afgewogen tegen de belangen van de verdediging (EHRM 26 maart 1996, Doorson t. Nederland, nr. 54/1994/501/583, NJ 1996, 741, punt 69-70, EHRM 1 februari 2000, Rowe en Davis t. Verenigd Koninkrijk, nr. 28901/95, BNB 2000, 259, punt 60-62).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e49c4162d2046c4821e413b89315593e74f1e2bc6f07db53765243fb9738d144. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e49c4162d2046c4821e413b89315593e74f1e2bc6f07db53765243fb9738d144, en de alinea staat in dat document op bytes 13078 tot 14061.