Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 5 maart 2015

Onder 8.3 College van Beroep voor het bedrijfsleven 5 maart 2015

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 5 maart 2015, ECLI:NL:CBB:2015:43.

Zoals het College in 5.3 heeft overwogen, vertoont het onderzoek van ConQuaestor / Significant niet zodanige gebreken dat verweerster haar tariefberekening daar niet op had mogen baseren. Het College is van oordeel dat verweerster in redelijkheid tot uitgangspunt heeft mogen nemen dat bij de functie van orthodontist en het daarbij behorende norminkomen een tijdsbesteding van meer dan 40 uur per week normaal en gebruikelijk is. Dat betekent dat bij de berekening van de tarieven bij een fulltime functie rekening kan worden gehouden met een tijdsbesteding boven de 40 uur per week. Daar waar de gemiddelde tijdsbesteding excessief te noemen zou zijn, bestaat er aanleiding hiervoor een correctie in de berekening toe te passen. Het tijdsbestedingsonderzoek heeft uitgewezen dat de gemiddelde werkweek een omvang heeft van 50,6 uur. Het College volgt verweerster in haar stelling dat deze omvang, gelet op de zwaarte van de functie van orthodontist en het daarbij horende norminkomen, niet als excessief kan worden bestempeld bij een fulltime invulling van de functie. De definitie van verweerster waarbij een gemiddelde werkweek van 40 uur of meer overeenkomt met 1 fte is daarmee ook niet in strijd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0c52b8525a0f03a2fadd26b05443b6f733fe3ba8353384d16e53fc35c59c7bb6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0c52b8525a0f03a2fadd26b05443b6f733fe3ba8353384d16e53fc35c59c7bb6, en de alinea staat in dat document op bytes 45569 tot 46785.