Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 22 januari 2015
Onder 2.3 College van Beroep voor het bedrijfsleven 22 januari 2015
Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 22 januari 2015, ECLI:NL:CBB:2015:6.
Voor beantwoording van de vraag of er sprake is van een misleidend of onjuist signaal is het volgens de rechtbank tevens van belang voor wie de informatie onjuist of misleidend kan zijn. De ontvanger van het bericht, indien die handelt als een redelijk belegger, zal bij zijn handelen rekening houden met die informatie. Gelet op de functie van [naam 1] en op de groep voor wie hij de berichten schreef, zijn de twee door eiser verspreide berichten tot de redelijk handelend belegger gericht, die meer kennis van zaken heeft, bekend is met de wijze van schrijven en beter dan de gemiddelde belegger een mening van een feit weet te onderscheiden. Dat die berichtgeving uiteindelijk ook een veel breder publiek heeft bereikt maakt dat niet anders. De redelijk handelend belegger had kunnen en moeten zien dat de verspreide informatie niet meer was dan een mening. Dit brengt mee dat er geen sprake is van overtreding van artikel 5:58, eerste lid, aanhef en onder d, van de Wft, zodat AFM niet bevoegd was om aan [naam 1] een boete op te leggen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5b3d748579beed5e1fcd09ab001e364a1b0b1658137b3d2bc073c5fbed444c30. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5b3d748579beed5e1fcd09ab001e364a1b0b1658137b3d2bc073c5fbed444c30, en de alinea staat in dat document op bytes 12336 tot 13392.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5b3d748579beed5e1fcd09ab001e364a1b0b1658137b3d2bc073c5fbed444c30 | shasum -a 256