Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 3 mei 2016

Onder 6.3 College van Beroep voor het bedrijfsleven 3 mei 2016

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 3 mei 2016, ECLI:NL:CBB:2016:104.

Het College ziet geen grond voor het oordeel dat het gelijkheidsbeginsel is geschonden, omdat aan [naam 4] geen boete is opgelegd. Van gelijke gevallen is geen sprake. [naam 1] bood de kredietovereenkomsten aan en wierf de klanten. [naam 4] bracht kosten in rekening als niet binnen de termijn werd terugbetaald. Zij kreeg hiertoe opdracht van [naam 1] . De rol van [naam 4] was dus wezenlijk anders dan de rol van [naam 1] . Appellanten wijzen in dit verband, zo begrijpt het College, op de uitspraken van 1 november 2005, ECLI:NL:CBB:2005:AU5647 en 30 januari 2007, ECLI:NL:CBB:2007:AZ9465. Anders dan appellanten menen, volgt uit deze uitspraken niet dat tegen alle vennootschappen die op enigerlei wijze zijn betrokken bij een overtreding op dezelfde wijze handhavend moet worden opgetreden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cb732820f9e4412d3edbd4e8b4c2c8b0267926564d231e076dcd7fbf1a3af3dc. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cb732820f9e4412d3edbd4e8b4c2c8b0267926564d231e076dcd7fbf1a3af3dc, en de alinea staat in dat document op bytes 34571 tot 35379.