Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 15 juni 2016

Onder 4.1 College van Beroep voor het bedrijfsleven 15 juni 2016

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 15 juni 2016, ECLI:NL:CBB:2016:150.

Verweerder heeft betoogd dat de Wvgm niet in strijd is met artikel 1 van het EP. Landbouwers kunnen op hun bedrijven immers onverminderd melkvee houden. De Wvgm beperkt alleen in bepaalde gevallen mogelijkheden om additioneel melkvee te houden. Er is sprake van eigendomsregulering als bedoeld in artikel 1 van het EP en niet van de facto onteigening. De overheid is daarom niet gehouden te voorzien in een schadevergoedings- of knelgevallenregeling. Van een disproportionele regeling of van een individuele en buitensporige last is geen sprake. Het was volgens verweerder voor melkveehouders voorzienbaar dat met het vervallen van de melkquota maatregelen zouden worden genomen om ongebreidelde groei tegen te gaan. Al vanaf september 2011 is de Tweede Kamer regelmatig geïnformeerd over de problematiek van het verval van het melkquotum en in de Memorie van Toelichting (MvT) bij de Wvgm van 1 juli 2014 (Kamerstukken II, 2013-2014, 33 979, nr. 3) is vermeld dat de eerste jaren na afschaffing van het melkquotum een groeispurt werd verwacht en dat dus ook na 2015 een vorm van sturing voor evenwicht op de mestmarkt nodig blijft. Landbouwers die al dan niet met het oog op het vervallen van de melkquota hebben geïnvesteerd in de uitbreiding van hun bedrijf, hebben dan ook bewust het risico genomen dat deze groei gepaard zou kunnen gaan met extra inspanningen en kosten om dat te bewerkstelligen. Die behoren dan ook tot het ondernemersrisico van de landbouwers. Om het ongewenste effect van anticipatie tegen te gaan, is het juist noodzakelijk om een peilmoment in het verleden te hanteren. Met betrekking tot de keuze voor de forfaitaire excretienormen 2015 geldt dat uit onderzoek in 2014 is gebleken dat de oude normen duidelijk te hoog waren. Door gebruik te maken van de nieuwe forfaitaire productienormen komt de forfaitaire fosfaatproductie in 2013 zo goed mogelijk overeen met de feitelijke situatie in 2013.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a78a456b45fa3e5d6520d0b68bb22cf1eae27fc7c8aa6a37c85330ac2f8d216a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a78a456b45fa3e5d6520d0b68bb22cf1eae27fc7c8aa6a37c85330ac2f8d216a, en de alinea staat in dat document op bytes 28824 tot 30761.