Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 12 januari 2016

Alinea 28 College van Beroep voor het bedrijfsleven 12 januari 2016

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 12 januari 2016, ECLI:NL:CBB:2016:16.

4. Appellant betwist dat hij het primaire besluit heeft ontvangen. Appellant stelt dat het bezwaarschrift tijdig is ingediend, omdat hij eerst op 22 augustus 2014 kennis heeft genomen van het primaire besluit en toen onverwijld bezwaar heeft gemaakt. 5. Op grond van artikel 6:7 van de Awb bedraagt de termijn voor het indienen van een bezwaarschrift zes weken. De termijn vangt ingevolge artikel 6:8, eerste lid, van de Awb aan met ingang van de dag na die waarop het besluit op de voorgeschreven wijze is bekendgemaakt. Artikel 3:41, eerste lid, van de Awb bepaalt dat de bekendmaking van besluiten die tot één of meer belanghebbenden zijn gericht, geschiedt door toezending of uitreiking aan hen, onder wie begrepen de aanvrager. In artikel 6:11 van de Awb is bepaald dat ten aanzien van een na afloop van de termijn ingediend bezwaarschrift niet-ontvankelijkverklaring op grond daarvan achterwege blijft indien redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat de indiener in verzuim is geweest.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4ba3eafaf745ea6b74d7d8db2c7bd1ae769ea7bc15a805f5606101497cf1647a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4ba3eafaf745ea6b74d7d8db2c7bd1ae769ea7bc15a805f5606101497cf1647a, en de alinea staat in dat document op bytes 7672 tot 8722.