Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 14 juli 2016

Onder 7 College van Beroep voor het bedrijfsleven 14 juli 2016

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 14 juli 2016, ECLI:NL:CBB:2016:184.

7.1.1 Met haar derde hogerberoepsgrond betoogt [Onderneming I] dat ACM de vervaltermijn niet tijdig heeft gestuit, als gevolg waarvan de sanctiebevoegdheid van ACM is vervallen. De koop van de [Onderneming Z] -fabriek vond meer dan vijf jaar voor het boetebesluit van 16 december 2010 plaats. De [Onderneming Z] -gedraging dateert van 3 mei 2004, terwijl de bevoegdheid om de verjaringstermijn van vijf jaar te stuiten pas op 1 oktober 2007 is opgenomen in artikel 64 van de Mw. De rechtbank heeft volgens [Onderneming I] ten onrechte geoordeeld dat deze bevoegdheid onmiddellijke werking heeft. [Onderneming I] betoogt dat het legaliteitsbeginsel, het rechtszekerheidsbeginsel en de lex mitior-regel zich in het onderhavige geval verzetten tegen onmiddellijke werking. De afwijzing van deze beroepsgrond door de rechtbank is volgens [Onderneming I] , in strijd met artikel 6 van het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EVRM), artikel 121 van de Grondwet en artikel 8:77 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), slechts zeer summier gemotiveerd. De rechtbank verwijst slechts naar een eerdere uitspraak, maar deze uitspraak legt niet uit waarom aan de stuitingsbevoegdheid onmiddellijke werking toe zou komen. Dit is in strijd met het door het EHRM geformuleerde motiveringsvereiste.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c20924be563e26699c69e6f462a97841da9e17ea3ae31213966a7998c9b467fc. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c20924be563e26699c69e6f462a97841da9e17ea3ae31213966a7998c9b467fc, en de alinea staat in dat document op bytes 53696 tot 55048.