Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 14 juli 2016
Onder 9 College van Beroep voor het bedrijfsleven 14 juli 2016
Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 14 juli 2016, ECLI:NL:CBB:2016:185.
9.1.3 ACM erkent volgens [Onderneming G] impliciet dat [Onderneming G] ’ betrokkenheid bij de afkoop van [Onderneming F] geen bewijs kan vormen voor haar deelname aan de enkele voortdurende overtreding, nu [Onderneming G] ’ gedraging volgens ACM neerkomt op het ontvangen van informatie over toekomstig marktgedrag van [Onderneming F] . Hoewel dit een losstaande overtreding zou kunnen zijn geweest, kan het onmogelijk bewijs vormen dat [Onderneming G] vanaf dat moment deelnam aan een enkele voortdurende overtreding. Zij heeft niet met haar eigen gedrag willen bijdragen aan de verwezenlijking van de gestelde gemeenschappelijke doelstellingen van alle deelnemers. [Onderneming G] vindt steun voor deze conclusie in het arrest van het Gerecht van 24 maart 2011, ECLI:EU:T:2011:114 (Aalberts).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4e1e9dd1cb145f7a821b636596076e4c13a83fc2c6687e2ea75b2e868ebbaa8e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4e1e9dd1cb145f7a821b636596076e4c13a83fc2c6687e2ea75b2e868ebbaa8e, en de alinea staat in dat document op bytes 106876 tot 107689.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4e1e9dd1cb145f7a821b636596076e4c13a83fc2c6687e2ea75b2e868ebbaa8e | shasum -a 256