Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 14 juli 2016
Onder 9 College van Beroep voor het bedrijfsleven 14 juli 2016
Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 14 juli 2016, ECLI:NL:CBB:2016:185.
9.2.3 Volgens ACM leidt [Onderneming G] uit het arrest Soliver een niet bestaande additionele bewijslast af. ACM hoeft slechts ten aanzien van het totaal van de overtreding aan te tonen dat aan alle vereisten voor deelname is voldaan. ACM moet aantonen dat ieder van de ondernemingen deelnam aan één of meer gedragingen die een bijdrage leveren aan de overtreding als geheel, dat de ondernemingen met hun totale gedrag wilden bijdragen aan het bereiken van het gemeenschappelijke doel en dat zij de gedragingen van de andere deelnemers kenden of redelijkerwijze konden voorzien. Dit bewijs hoeft volgens ACM niet te worden geleverd voor elk van de bewezen gedragingen die samen één enkele voortdurende overtreding vormen. Het betreft immers een overtreding waaraan geleidelijk gestalte is gegeven door diverse gedragingen. Een vergelijking met de zaak Soliver gaat ten slotte niet op, omdat in die zaak, anders dan in de onderhavige zaak, sprake was van een strak georganiseerd kartel.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4e1e9dd1cb145f7a821b636596076e4c13a83fc2c6687e2ea75b2e868ebbaa8e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4e1e9dd1cb145f7a821b636596076e4c13a83fc2c6687e2ea75b2e868ebbaa8e, en de alinea staat in dat document op bytes 115636 tot 116639.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4e1e9dd1cb145f7a821b636596076e4c13a83fc2c6687e2ea75b2e868ebbaa8e | shasum -a 256